Woensdag 20 juli

We zijn inmiddels niet meer de enige gasten in ons Communistische resort, een groep bikers uit Thailand heeft zich bij ons gevoegd. Lonh, onze gids, is diep onder de indruk van hun BMW tour motoren, die met een prijskaartje van zo’n €30k ver buiten zijn bereik liggen. Vandaag hebben we weer een reisdag. We verlaten Mondulkiri voor een rit naar Kratie, een plaatsje aan de Mekong dat haar plek op de wereldkaart te danken heeft aan de beroemde en inmiddels met uitsterven bedreigde Irrawaddy dolfijnen.

De gids, die er voortdurend alles aan doet om het ons optimaal naar de zin te maken (soms leidt dat tot wat gênante situaties), heeft het weer prima gepland. We arriveren precies op tijd voor de lunch. Eigenlijk staat de boottocht naar de dolfijnen pas voor overmorgen op het programma, maar om de kans op een ontmoeting te maximaliseren stelt hij voor om na de lunch een eerste keer te proberen. Mochten we ze dan niet tegenkomen, proberen we het over twee dagen nog een keer.

Irrawaddy dolfijnen spotten bij Kratie Irrawaddy dolfijnen spotten bij Kratie
Turen naar de eerste dolfijn Turen naar de eerste dolfijn

Dat laatste blijkt niet nodig, want na een half uurtje varen zien we een groepje van vijf of zes stuks zwemmen. Gracieus glijden ze door het water. Ik sta zo enthousiast te filmen, dat ik uit moet kijken dat ik niet vergeet om ze ook live te bewonderen. Lotte is in het begin erg benauwd dat het waggelende bootje om zou kunnen slaan, maar tijdens het kijken naar de dolfijnen is ze dit door haar opwinding snel vergeten. Een zeilvakantie in Griekenland zit er toch nog niet in, vrees ik.

We overnachten vannacht en morgennacht in Rajabori Villa’s, een serie prachtige lodges op Koh Trong, een klein eiland ten hoogte van Kratie in de Mekong. Het eiland is op de lodges en een paar guesthouses na nog authentiek Cambodjaans plattenland. De lokale specialiteit is Pomelo. Hoewel we er talloze zien hangen, zijn ze helaas niet rijp.

Zwembad bij Rajabori Villa's Zwembad bij Rajabori Villa's
Rajabori Villa's Restaurant Rajabori Villa's Restaurant

Donderdag 21 juli

Na het ontbijt, als de kids zich in badpak hullen voor een duik in het prachtige zwembad, leen ik een fiets van het hotel voor een rondje om het eiland. Een rondje rond het hele eiland is ongeveer zeven kilometer en voert langs talloze boerderijen, een paar onvermijdelijke Wats en een Vietnamees drijvend dorpje.

Dorpsleven op het eiland Dorpsleven op het eiland
Onderweg kom ik heel veel vogels en vlinders tegen. Prachtig. Als ik terugkom bij de lodges, blijkt dat ik nog een Vietnamese tempel heb gemist, helemaal aan de andere kant van het eiland. Ik besluit om het rondje nog maar een keer te fietsen, maar nu in de andere richting. Die tempel stelde achteraf niks voor, maar een beetje beweging kan geen kwaad.

Terug bij de lodge heb ik nog net even tijd voor een lekkere duik voor we gaan lunchen. Dat mag ook wel, want het is ondertussen verzengend heet. Op de deckchair naast het zwembad heb je niet de kans om op te drogen voor het zweet je in straaltjes van je lijf loopt.

Ik had me erg verheugd op iets á la club sandwich, maar de kaart in de door Fransen gestarte lodge heeft een keur aan Cambodjaanse en Franse gerechten. Niet veel inspiratie voor een vegetariër. Na de lunch kopen we nog een klein kadootje voor Margot, die morgen jarig is en werk ik een paar dagen reisverslag bij onder een verkoelend briesje van de plafondventilator op de veranda bij het zwembad. Het zal nog wel even duren voordat de rest van de wereld kan meegenieten, want ook hier is de internet verbinding zo goed als afwezig. Als de zon straks wat zakt nemen we nog een heerlijke duik voordat we aan de borrel gaan. Leven als een god kan ook in Cambodja.